Iets ouds, iets nieuws, iets geleends, iets blauws: waar komt het vandaan?

Iets ouds, iets nieuws, iets geleends, iets blauws: waar komt het vandaan?

8 min leestijd

Het is een Victoriaans Engels rijmpje dat vier geluksvoorwerpen opsomt die een bruid bij zich draagt: iets ouds voor de band met haar familie, iets nieuws voor de toekomst, iets geleends van een gelukkig getrouwde vrouw, en iets blauws voor trouw. Een vijfde regel voegt er een zilveren muntje in haar schoen aan toe, voor voorspoed.

Plannen jullie je droomhuwelijk?

Maak in enkele minuten jullie eigen trouwwebsite – met RSVP-functie, fotogalerij en meer.

Nu trouwwebsite maken

Eén ding vooraf, want het staat zelden ergens bij: dit is geen Nederlands of Vlaams gebruik. Het rijmpje is Engels, het is hier pas in de laatste dertig jaar aangekomen via films, tijdschriften en trouwblogs, en je oma deed het vrijwel zeker niet. Dat maakt het niet minder leuk, maar het is wel iets anders dan een traditie uit de familie.

Dat het inmiddels breed gedaan wordt, heeft een simpele reden: het kost niets, het vraagt geen publiek en het kan volledig in het geheim.

Hieronder waar het vandaan komt, wat elk van de vier onderdelen zou moeten betekenen, de muntregel die eraf viel, en wat mensen in de praktijk gebruiken. Ook de varianten komen langs voor als de traditionele lezing niet bij jullie familie past — en de gebruiken die hier wél oud zijn en dezelfde plek innemen.

1. Waar het rijmpje vandaan komt

De volledige versie luidt: something old, something new, something borrowed, something blue, and a silver sixpence in her shoe. Het is Engels en wordt meestal herleid tot Lancashire aan het eind van de negentiende eeuw, waar het rond 1870 en 1880 in verzamelingen van streekgezegden in druk verschijnt.

Dat maakt het Victoriaans en niet middeleeuws, wat mensen doorgaans verrast. Het kwam ongeveer tegelijk op met de witte jurk als standaard, en allebei verspreidden ze zich langs dezelfde route door de Engelstalige wereld: gedrukte etiquette, tijdschriften en fotografie.

De sixpence is het deel dat wegviel, om een praktische reden: die munt verdween in 1980 uit de Britse omloop, waarmee hij een aandenken werd in plaats van iets in een portemonnee. In Nederland en België heeft die regel nooit voet aan de grond gekregen, simpelweg omdat de munt hier niet bestond. Wil je toch iets in die geest, dan werkt een oude gulden of Belgische frank uit het jaar waarin je grootouders trouwden veel beter dan een Engels muntje uit een webshop.

Buiten Groot-Brittannië reisde het rijmpje goed mee naar Ierland, Noord-Amerika, Australië en Nieuw-Zeeland, en nauwelijks ergens anders heen. In continentaal Europa was het lang volstrekt onbekend, en in Nederland en Vlaanderen is het pas via de bruiloftsindustrie binnengekomen. Trouw je in een familie waar niemand ervan gehoord heeft, dan is dat geen achterstand maar de normale situatie.

Drie van de vier onderdelen gaan over andere mensen. Dat is waarschijnlijk waarom het rijmpje stand houdt, en niet het geluk.

2. Wat elk onderdeel zou betekenen

De lezingen hieronder zijn de traditionele. Het is folklore en geen leer, en verschillende bronnen formuleren het verschillend.

OnderdeelTraditionele betekenisGangbare keuze
Iets oudsDe band met de familie en het verledenEen broche van een oma, een zakdoek, een stuk kant in de jurk genaaid
Iets nieuwsVertrouwen in het huwelijk dat komtDe jurk zelf, de schoenen, oorbellen die voor de dag gekocht zijn
Iets geleendsGeleend geluk uit een huwelijk dat werktSieraden van een moeder, tante of vriendin
Iets blauwsTrouw, standvastigheid en liefdeEen lint in de zoom, blauwe schoenen, een blauwe steen in het boeket
Een zilveren muntjeVoorspoedHier zelden gedaan; als variant een oude gulden of frank uit het jaar van een familiehuwelijk

Het geleende onderdeel draagt de meest specifieke instructie: het hoort van een vrouw te komen wier huwelijk gelukkig is, met het idee dat een deel van dat geluk meeverhuist. Het is ook het onderdeel dat het vaakst het beste verhaal oplevert, want iemand erom vragen is op zichzelf al een gesprek.

Van blauw wordt vaak gezegd dat het lang vóór het rijmpje al met trouw en zuiverheid werd verbonden, en er loopt een aannemelijke lijn naar oudere Europese bruidskleding. Het wordt overal herhaald maar is niet stevig gedocumenteerd, dus behandel het als de overgeleverde verklaring en niet als een feit.

2. Wat elk onderdeel zou betekenen — Iets ouds, iets nieuws, iets geleends, iets blauws: waar komt het vandaan?

3. Wat mensen in de praktijk gebruiken

De vier onderdelen horen klein en grotendeels verborgen te zijn. Niets hiervan hoeft op een foto te staan.

Oud. Een ring van een familielid aan de andere hand dan de trouwring, een medaillon binnenin de jurk gespeld, een stuk van de trouwjurk van een moeder of oma in de zoom genaaid, een rozenkrans of kerkboekje uit de familie, een horloge. Is er een ouder overleden, dan is dit vaak het voorwerp dat hem of haar de dag in draagt.

Nieuw. De makkelijkste van de vier, want de outfit levert hem meestal vanzelf. Wil je er betekenis aan geven, maak er dan het ding van dat je daarna blijft dragen in plaats van het ding dat je één keer draagt.

Geleend. Oorbellen, een armband, een sluier, een haarkam, een tasje. Het gaat om het lenen en niet om het voorwerp, dus vraag om iets waar de uitlener echt aan hecht en geef het snel terug.

Blauw. De meest inventieve categorie. Een lint in de zoom genaaid, blauw garen in de initialen, blauwe zolen onder de schoenen, een saffier, vergeet-mij-nietjes of korenbloemen in het boeket, blauwe nagellak, een blauw labeltje ingenaaid door wie de jurk maakte.

En dan het gebruik dat hier wél oud is en precies dezelfde plek inneemt: het bruidszakdoekje. In Vlaanderen en in delen van Nederland kreeg de bruid een geborduurde zakdoek mee, vaak met de namen en de datum erop, die later werd omgewerkt tot mutsje voor de doop van het eerste kind. Dat is de lokale variant van iets ouds en iets geleends tegelijk, en hij vraagt geen Engels rijmpje om te werken.

Nog een opmerking over de kousenband, die het vaakst wordt aangenomen als het blauwe onderdeel. Hij voldoet prima, maar hij is één optie tussen vele, en er hangt een apart feestgebruik aan vast dat lang niet iedereen wil.

4. Als de traditionele versie niet past

Het rijmpje veronderstelt een bruid met een familiearchief, een moeder om van te lenen en een bruiloft die om haar heen gebouwd is. Heel veel bruiloften zijn dat niet, en het gebruik past zich makkelijk aan.

  • Geen familiestukken. Oud betekent niet antiek. Een boek dat je sinds je kindertijd hebt, een kaartje, een sieraad van de markt of een oude ketting van een vriendin voldoen allemaal.
  • Vervreemde of afwezige familie. Leen dan van de familie die je zelf gekozen hebt. Het rijmpje zegt een gelukkig huwelijk, niet een bloedband.
  • Twee bruiden, of twee bruidegoms. Allebei kunnen ze de vier dragen, of ze verdelen ze, of ze negeren het geslacht van de traditie volledig. Niets in het rijmpje vraagt om een bruid, behalve zijn eigen geschiedenis.
  • Een tweede huwelijk. De onderdelen werken identiek. Oud mag iets uit de tussenliggende jaren zijn in plaats van uit de jeugd.
  • Je bent niet bijgelovig. Lees het dan als vier categorieën herinnering in plaats van als geluk, wat dichter ligt bij hoe de meeste mensen ermee omgaan.

De enige versie die niet werkt is de boodschappenlijstversie: vier dingen die in één week nieuw gekocht zijn om de vakjes af te vinken. Oud en geleend ontlenen hun hele betekenis aan het feit dat iemand anders ze eerst had.

4. Als de traditionele versie niet past — Iets ouds, iets nieuws, iets geleends, iets blauws: waar komt het vandaan?

5. Wie het regelt, en wanneer

In de praktijk is dit een klus voor de ochtend van de bruiloft, maar het verzamelen begint weken eerder en komt meestal terecht bij wie het dichtst bij de bruid staat.

  1. Zes tot acht weken vooraf: vraag om alles wat geleend moet worden. Op de dag zelf vragen zet mensen klem en sluit alles uit wat niet in de kamer ligt.
  2. Twee weken vooraf: controleer of het voorwerp bij de outfit werkt. Een broche zonder veilige plek om hem te spelden is een probleem dat je liever vroeg ontdekt.
  3. De week ervoor: stop alle vier in één tas, bij de schoenen.
  4. De ochtend zelf: wie helpt met aankleden vinkt ze af. Dit is het traditionele moment, en het is meestal stil en behoorlijk kort.
  5. Achteraf: geef het geleende binnen een week terug, met een briefje. Dit is het deel dat het vaakst vergeten wordt.

Dragen meerdere mensen iets bij, houd dan een lijstje bij; drie tantes die ieder stilletjes een geleende broche regelen is een reëel scenario. Zulke kleine logistieke notities houd je het makkelijkst bij de rest van de dagplanning op jullie trouwwebsite, waar degene die helpt met aankleden ze ook kan zien.

Tot slot iets wat gewoon hardop gezegd mag worden: er gebeurt niets als er een onderdeel ontbreekt. Het rijmpje is Victoriaanse folklore en geen checklist met gevolgen, en een bruid die met drie van de vier aankomt heeft geen slechter huwelijk verdiend.

Behandel de vier onderdelen als aanleidingen en niet als eisen: iets uit jullie verleden, iets voor wat komt, iets geleend van iemand wier huwelijk jullie bewonderen, en een klein stukje blauw dat niemand anders ziet. Vraag het geleende vroeg, en geef het terug met een briefje. Past er niets uit het familiearchief, bedenk dan jullie eigen versie — of grijp naar het bruidszakdoekje, dat hier wél al generaties meegaat.

Alles rond de bruiloft

Uitnodigingen en teksten

Vind de juiste woorden voor jullie trouwkaart.

Huwelijksjubilea

Ontdek namen, tradities en ideeën voor huwelijksjubilea.

Plannen jullie je droomhuwelijk?

Maak in enkele minuten jullie eigen trouwwebsite – met RSVP-functie, fotogalerij en meer.